‘Wie heeft de huidige teksten van jullie website geschreven?’
Deze vraag stel ik aan al mijn nieuwe klanten. Niet omdat ik er iets van vindt maar omdat het niet de eerste keer zal zijn dat blijkt dat ze heel behendig zijn in kopiëren en plakken.

En als ik nattigheid voel, haal ik een paar teksten door de tool van Copyscape om content-dieven op te sporen.

Een klant van mij schreef columns die ze door mij liet herschrijven en redigeren. Het uitgangspunt was altijd leuk. Maar de kwaliteit die ze leverde was absoluut niet constant. Zodra een column té goed leek, deed ik bovenstaande check. Hele lappen tekst kopieerde ze van het internet. Zonder het even te melden.

Een paar jaar geleden was ik uren bezig geweest met het bedenken van een originele landingspagina voor het Lieve Lotty Skype Spreekuur. Een week later zag ik mijn idee, de hele pagina en de tekst voorbij komen op LinkedIn. ‘Even geleend’, zei de ondernemer toen ik hem vroeg hoe dat zat.

Dus toen een lieve klant van mij (ik noem geen namen) zei dat ze écht niet wist wie de teksten op hun website had geschreven, deed ik de gebruikelijk check. Tot mijn verbazing werden dezelfde teksten wel door tien concurrenten gebruikt. Shameless.

Ze kijkt bedremmeld in de skype-camera. ‘Wat nu?’, vraagt ze.

‘Wat nu? Wat nu?’ Ik bedenk dat ik met een klant te maken heb en zeg met zalvende stem dat ik haar wel kan helpen. ‘Voordat je in de ban wordt gedaan door Google óf een boete krijgt voor het pikken van content.’

Ze schrikt zich kapot. Straks gaat ze huilen.

Ik zeg nog wat geruststellende dingetjes. Overtuigen is niet meer nodig: ik ga haar redden.

Ik krijg de opdracht om de hele website te herschrijven. Unieke SEO content zal er voor zorgen dat ze beter worden gevonden in deze internetsoep.
‘Hoe zit het met je blog?’
‘Dat heb ik allemaal zelf geschreven,’ zegt ze trots.
‘Mooi, dan laten we dat zoals het is.’

Een paar weken ben ik bezig met kakelverse teksten die zó van het scherm spatten van helderheid. De site is klaar. De factuur betaald. Zij blij, ik blij.

Totdat ze me belt.

‘We hebben een vordering gekregen voor een tekst op de site,’ zegt ze en ik hoor een snik in haar stem. ‘Twee duizend euro.’
Ik kan het niet geloven!
‘Het tweede blog dat ik een paar jaar geleden heb geplaatst. Met een paar plaatjes.’

Ik haal opgelucht adem. Mij treft geen blaam. (Dat wist ik wel, maar tóch…)

Ze mailt me de vordering. Daar staat het:

39 woorden en 2 foto’s van 200px X 300px.

Of ze maar even wil afrekenen: € 2.003,61

Ik ben er stil van en zoek een oplossing.

‘Over een tijdje,’ zeg ik optimistisch, ‘dan zijn de teksten die ik voor jou heb geschreven vast ook weer door concurrenten gejat. En dan…’
Ik zie dat ze verwachtingsvol haar adem inhoudt.
‘Dan gaan we ze opsporen en sturen wij ook een advocaat op hen af. Dan heb jij je centjes weer dubbel en dwars terug.

Ze verwachtte duidelijk iets anders, iets beters. Ze zucht diep.

Ik denk: ik heb het nog zó gezegd. Meer ik zeg het niet.

Share on FacebookShare on Google+Share on LinkedInTweet about this on TwitterBuffer this page