Tijdens de intake bij behandelcentrum Spine, vraag ik me voortdurend af of ik wel erg genoeg ben om te worden toegelaten. Beetje rugklachten, nekpijn, gespannen schouders. Beetje stress. En die burn-out is toch al even geleden? Waarom begin ik hier dan toch te janken?

Maar de fysio die de screening doet luistert, vraagt, knikt en neemt me serieus. ‘Ik denk dat het goed is dat je hierheen bent gekomen,’ zegt hij. ‘We overleggen in het team maar ga er maar vanuit dat je volgende maand kunt beginnen. Drie maanden lang, twee dagen in de week, een halve dag.’

In de auto terug naar huis voel ik ruimte in mijn borstkas en mijn hoofd voelt licht. Ik zet de muziek keihard en zing vals mee: It’s all about you… what about me… This is all about movement… you never have to wonder where the groove went, the groove is you!

Daar, in mijn kleine Twingo, tussen Spine en mijn kantoor aan huis, heb ik de overweldigende ervaring van synchroniciteit. Alsof een stekker in het stopcontact wordt gestoken. Alsof ik alles helderder zie. Alsof alles even lichter is. Ik weet, ik voel dat vanaf nu alles anders wordt.

Een gevoel van zeker weten.

Voordat de behandelingen beginnen, zijn er kennismakingsgesprekken met alle behandelaars en een keuringsarts. Hoe lang kun je zitten, staan, liggen? Hoe slaap je? Autorijden? Stofzuigen? Wat kun je wel en wat niet? Kun je je werk gewoon doen? Waarom niet? Hoe lang heb je hier al last van?

Alles moet in scores worden uitgedrukt en weer ben ik bang dat straks iemand zegt: mevrouw Rothuizen, ga maar naar huis, er is niets aan de hand met u. Maar dat gebeurt niet. Ze nemen me onder hun hoede.

Er worden doelen gesteld om bij de evaluatie te kunnen vaststellen of de behandeling is geslaagd.
Tegen de fysio zeg ik dat ik graag over drie maanden een krat bier wil kunnen tillen. Waarom zeg ik dit, vraag ik me af. Ik drink nooit bier.
De psycholoog noteert dat mijn vorderingen te meten zijn aan het aantal huilbuien dat ik heb. Per dag.
De psychiater schrijft me pillen voor. Dat is even slikken (;-)). Ik ben toch het zonnetje in huis?
Tegen de somatherapeut zeg ik dat ik rust wil in mijn hoofd. Ik wil weer grip krijgen op mijn leven.

Twee keer in de week ga ik praten, trainen, luisteren, huilen en spelen. Het geeft me structuur en regelmaat. Tegen vriendinnen schep ik op en zeg dat ik een PT heb, een jonge god van 30 jaar – en dan lieg ik niet eens.

Als ik zit te wachten tot de volgende sessie begint, krijg ik een berichtje via Messenger binnen.
Hoi Lotty, Ik werk als redigeerster bij een bureau in de buurt van Station Prinsenbeek…(..)wij hebben een vacature vrij (…)heb jij interesse om deze tijdelijke parttimefunctie te vervullen naast jouw eigen onderneming?

Hoe komt deze dame bij mij en wat denkt ze wel? Dat ik een bedrijfje heb? Dat ik naast mijn BEDRIJF nog wel een baantje kan hebben? Ik haal mijn neus op en recht mijn rug. Tsss…

Maar het berichtje laat me toch niet los. Thuis lees ik het nog een keer. De werktijden zijn precies op de dagen dat ik niet naar Spine moet. Komt dit misschien toch niet een héél klein beetje goed uit? Even afstand nemen van mijn eigen bedrijf, vaste inkomsten… Ik staak mijn interne gevecht en zet mijn ego aan de kant. Praten kan toch geen kwaad?

Een paar dagen later mag ik op gesprek komen. Het is maar een paar minuten van mijn huis, dus ik pak de fiets. Ik kijk naar de kantoren waar ik al honderden keren langs ben gekomen.
Stiekem lach ik die arme kantoorslaven uit als ze zichzelf hier ‘uitlaten’ rond lunchtijd. Met hun boterhammetje in de hand wandelen ze op de stoep naast het voorbijrazende verkeer. Altijd gehaast want ze de pauze duurt maar een halfuur. Nu borrelt de schaamte voor mijn arrogantie met terugwerkende kracht op.

Zou ik hier straks ook… ? Nee, onmogelijk.

Het sollicitatiegesprek gaat goed. Relaxed. Gezellig zelfs. Ze vertellen over het bedrijf, een arbeidsdeskundigen bureau en over het werk: het redigeren van
re-integratierapporten.
‘Heb je een salaris in gedachten?’, vraagt de manager. ‘Mijn uurtarief is 85 euro maar dat betalen jullie vast niet?’ vraag ik met mijn liefste lach. Ze lacht nog liever terug en zegt kordaat nee.

Dan nodigen de dames me uit voor een rondleiding. Bruin gestreepte tapijttegels, systeemplafonds, tl-verlichting en kamerplanten. Vriendelijke mensen die me de hand schudden en weer rustig doorgaan met hun werk.

Hier geen hipsters, latte macchiato en MacBooks. Geen creatief ingerichte loungehoek of coworking space. Geen tafeltennistafel of eclectisch ingerichte brainstormroom.
Wel een kopieerkamer, een keuken, een verrijdbare kapstok, een vergaderruimte en veel, heel veel dossiermappen. Alles straalt eenvoud, degelijkheid en rust uit.
De hele tijd heb ik het gevoel dat ik deze plek ken, dat ik hier eerder ben geweest. Als ik twee collega’s zie kletsen bij het koffieapparaat weet ik het: ik heb zojuist gesolliciteerd bij Toren C!

Deze column is onderdeel van de serie Burn-out & herstel: Een zoektocht naar openheid en de schijn ophouden. Voor wie eigenlijk?

Deel 1 Ik stop
Deel 2 Stoppen met wat niet werkt
Deel 3 Het sollicitatie gesprek
Deel 4 Oude taart

laat je teksten

corrigeren, redigeren en herschrijven

 

06 – 13 59 30 44

LOTTY ROTHUIZEN

Online Copywriter en Columnist

Lotty Rothuizen
Eigenaar van Schrijven en Schrappen, online copywriter, blogger en columnist. Schrijft webteksten en blogs in opdracht. Geeft workshops, inspiratiesessies en persoonlijke schrijfcoaching.
En heeft nu ook nog gesolliciteerd!

06- 13 59 30 44 | [email protected]

 Padakker 36, 4824SR, Breda

BTW nummer: NL 137187750 B01 | KvK 20169938

 Algemene Voorwaarden | rek.nr: NL55ABNA0831823070